Onderhoud je elektrische installatie en laat ze keuren

Gepubliceerd op  di 02 jun 2020
Op 1 juni 2020 is een nieuw Algemeen Reglement op de Elektrische Installaties (AREI) in werking getreden. Het omvat de wettelijke veiligheidseisen voor verschillende soorten elektrische huishoudinstallaties.

Wanneer moet je je installatie laten controleren?

Je laat je elektrische installatie nakijken:

  • vóór ingebruikname;
  • bij elke verhoging van het aansluitingsvermogen op het openbare distributienet;
  • bij de verkoop van een huis;
  • periodiek. Indien de installatie geen belangrijke wijziging of beduidende uitbreiding heeft ondergaan, is er geen verplichting tot een periodieke controle. In geval van twijfel inzake de veiligheid, wordt aangeraden om de installatie te laten nakijken door een vakman (elektriciteitsinstallateur, erkend organisme,...). De controle moet men laten uitvoeren door een erkend organisme.

Meer informatie hierover vind je op de pagina Soorten controles van elektrische huishoudinstallaties.

Wie contacteer je om die controles uit te voeren?

Een erkend controleorgaan moet de installatie keuren. De lijst van die instanties vind je hier.

Welke documenten moet je bij de keuring voorleggen?

Bij een controle moet je ten minste de volgende documenten verstrekken:

  • het eendraadsschema van de elektrische installatie;
  • het situatieschema van de installatie;
  • indien beschikbaar, de EAN-code die de aansluiting van de elektrische installatie identificeert. De EAN (European Article Numbering)-code is een 18-cijferige code en staat op de factuur.

Wat gebeurt er na de keuring?

Na elke keuring stelt de erkende instantie een rapport op dat je schriftelijk of elektronisch wordt toegestuurd. Het erkende orgaan bewaart een kopie van dat rapport gedurende vijf jaar.

Wat als je installatie bij een keuring niet in orde blijkt?

Als je elektrische installatie niet in orde is bij de controle, moet je de non-conformiteiten herstellen en vervolgens de installatie opnieuw laten keuren.