Tuinonderhoud
1. Aanplanting
Bij het aanplanten van planten, struiken en bomen, moet er rekening mee gehouden worden dat aanplantingen die hoger worden dan 2 meter ook minimaal op 2 meter afstand van de zijdelingse perceelsgrens geplant worden. Een haag mag op een halve meter van de buren aangeplant worden of op de perceelsgrens mits wederzijds akkoord (=gemeenschappelijke haag) en mag een maximale hoogte van 2 meter hebben. Aan de straatzijde mag men hagen aanplanten tot op een halve meter van de rooilijn (scheiding privaat/openbaar domein). Let wel op voor overhangend groen over het openbaar domein en zorg ervoor dat het zicht van het verkeer, zeker op hoeken van straten, niet gehinderd wordt!
Tip: kies voor streekeigen groen omdat die het hier nu eenmaal beter doen.
2. Kappen van bomen
Stedenbouwkundige vergunning
Voor het kappen van een hoogstammige boom (= een boom die op een hoogte van één meter boven het maaiveld een stamomtrek heeft van een meter of meer) moet je een stedenbouwkundige vergunning aanvragen. Je hebt geen stedenbouwkundige vergunning nodig als de te kappen bomen aan alle volgende voorwaarden voldoen:
- Ze maken geen deel uit van een bos, zoals bedoeld in het bosdecreet en zijn uitvoeringsbesluiten;
- Ze zijn gelegen in een woongebied of in een industriegebied, of in een daarmee vergelijkbaar gebied, en niet in een woonparkgebied of in een daarmee vergelijkbaar gebied;
- Ze bevinden zich op een huiskavel van een vergunde woning of vergund bedrijfsgebouw, maar niet op de grens met het openbaar domein;
- Ze zijn gelegen binnen een straal van maximaal 15 meter rondom de vergunde woning of het bedrijfsgebouw;
Kapmachtiging of ontbossingsvergunning (bos)
Zodra bomen deel uitmaken van een bos zijn er twee mogelijkheden:
-
Kapmachtiging => als na het kappen van de bomen het bos behouden blijft
- Ontbossingsvergunning => als na het kappen van de bomen het bos is verdwenen of het restant niet meer als bos kan aanzien worden, dient een stedenbouwkundige vergunning (aanstiplijst 3, terreinaanlegwerken) te worden aangevraagd.
Er is geen vergunning vereist als er geveld wordt omwille van acuut gevaar én mits voorafgaandelijke schriftelijke instemming van het Agentschap voor natuur en bos.
Bovendien moet men ook geen stedenbouwkundige vergunning hebben als het vellen van de hoogstammige bomen als activiteit in een goedgekeurd beheersplan of beheersvisie is opgenomen.
Wanneer een vergunning wordt gegeven om een bos te kappen, moet dat gekapte bos gecompenseerd worden. De compensatieplicht bestaat uit het aanplanten van een even groot of zelfs groter bos op een andere plek. De compensatie kan ook financieel gebeuren door een bosbehoudsbijdrage te storten in het Bossencompensatiefonds. De Vlaamse overheid staat dan zelf in voor de compenserende bebossing.
Het compensatieformulier dient toegevoegd te worden aan de stedenbouwkundige vergunning (
compensatiemaatregelen bij ontbossing) of de verkavelingsvergunning (
compensatiemaatregelen bij geheel of ten dele beboste grond).
Meer informatie vindt u in de brochure “
regelgeving bij het ontbossen” en op de website
www.natuurenbos.be.
Natuurvergunning
Is uw eigendom gelegen in agrarisch gebied, groen-, park-, buffer-, bos-,vallei-, bron- of natuurontwikkelingsgebied of ligt het in een Habitat-of Vogelrichtlijnengebied of in een Ramsargebied, is het mogelijk dat uw bomen deel uitmaken van een landschapselement zoals een houtkant of een bomenrij. In dit geval dient u over een natuurvergunning te beschikken of vervangend een stedenbouwkundige vergunning welke ter advies werd voorgelegd aan het Agentschap voor Natuur en Bos.